Hoofdrekenen | Online cursus Vaarbewijs 2 & TKN

In het examen Theoretische Kustnavigatie TKN en RR&P mogen we geen rekenmachine gebruiken, ook geen smartphone. We zullen dus weer moeten leren hoofdrekenen. Ook al hebben de meeste cursisten dit op school eindeloos geoefend of rekenen ze in het dagelijks leven veel op hun werk, vaak is het volledig weggezakt. Dat komt omdat iedereen tegenwoordig natuurlijk gewoon een rekenmachine gebruikt. Het is daarom dus heel belangrijk om dit weer goed op te frissen, voordat u aan het examen gaat deelnemen.

Staartdeling

Stel dat we 55 willen delen op 27, dan maken we de volgende staartdeling:

27 / 55          \ 


27 gaat twee keer in 55, want twee keer 27 is 54. Dus rest is 1.

27 / 55          \  2
       54 -
         1


27 gaat niet in de resterende 1 en ook niet in 10, maar wel in 100, want 27 gaat 3 keer in 100. We moeten dus twee nullen aanhalen. We noteren drie honderdsten, dus we krijgen 2,03

27 / 55          \  2,03
       54 -
         100


3 x 27 is 81, dus houden we 100 - 81 is 19 over.

27 / 55          \  2,037037037
       54 - 
        100
          81 -
          19


27 past niet in 19 dus 0 aahalen. Het past namelijk wel 7 keer in 190, want 7 keer 27 is 189. Rest is 1.

27 / 55          \  2,037037
       54 -
         100
           81 -
          190
          189 -
             100
               81 -
               190
               189 -
                   1

Vermenigvuldigen

Stel dat we 27 willen vermenigvuldigen met 55.


5 x 7 is 35, dus 5 opschrijven en 3 onthouden. Dat schrijven we zo op:

27
55 x
35
5 x 2 = 10 en 10 +3 = 13, dus we krijgen:
27
55 x
135


Op de volgende regel een 0 opschrijven, dus we krijgen dan:

27
55 x
135
    0 +


5 x 7 is 35, dus 5 opschrijven en 3 onthouden.

27
55 x
135
  350 +


5 x 2 is 10 en 10 plus 3 is 13.

  27
  55 x
  135
1.350 +
1.485

Worteltrekken

Wat is de wortel uit 30. Ofwel wat is √ 30 ?

Niet 5, want 5 x 5 = 25

Niet 6, want 6 x 6 = 36

Dat wordt dus lastig. Je zal moeten gaan proberen met verschillende getallen tussen de 5 en 6, totdat je de wortel hebt gevonden.


We proberen eerst met 5,5.

5 keer 5 is 25, dus 5 opschrijven en 2 onthouden.
5,5
5,5 x
25


 5 x 5 is weer 25 en 25 plus 2 is 27.
  5,5
  5,5  x
  275


Dan op de volgende regel eerst een 0 opschrijven.

En dan opnieuw 5 x 5 is weer 25.

En 5 x 5 = 25 plus 2 is 27.

Optellen geeft 3025

  5,5

  5,5  x

  275

2750 +

3025


Omdat er 2 x 1 cijfer achter de komma staat in de som, schuift de komma in het antwoord ook 2 decimalen op.

  5,5
  5,5  x
  275
2750 x
30,25

Met 5,5 zitten we dus heel dichtbij de wortel van 30.

Het is nog een iets te hoog getal, dus proberen we het met 5,4, enzovoort.

Net zolang we een getal hebben dat voldoende nauwkeurig is voor het doel dat we ermee hebben.

Vragen en antwoorden

Vraag 1: Wat is 95 x 14?

Vraag 2: Wat is 75 / 5 ?

Vraag 3: Wat is 3,6 gedeeld door 2,3 ?

Vraag 4: Wat is de wortel van 40?

Vraag 5: Wat is 49 gedeeld door 105?

Vraag 6: Hoeveel is 10 gedeeld door 6?

Vraag 7: Hoeveel is 6 gedeeld door 10?

Vraag 8: hoeveel is 25 x 7,2?

Vraag 9: Hoeveel is 0,7 x 0,6 ?

Vraag 10: Wat is de wortel van 3?

Antwoorden worden direct verstuurd aan het e-mailadres dat u hier opgeeft.
Deelnemers aan de cursussen dienen akkoord te gaan dat hun e-mailadres wordt opgenomen in onze mailinglijst. U kunt zich met 1 klik gratis afmelden voor onze maandelijkse nieuwsbrief. Wij geven uw e-mailadres nooit door aan derden.

 

Om uw bezoek aan onze website nóg makkelijk en persoonlijker te maken zetten we cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) in.
Meer informatie Ok